In de schemering
Waar schaduwen langer worden
Laat ik jou alleen en kan niet mee
Daar waar de zon moeilijk komt
En herinnering stuk slaat
Op het alom aanwezig vergeten
Ergens nemen wij afscheid
Tussen een groet en een kus
En zien wij elkaar niet meer
Ik was kind en word nu ouder
Jij was die ouder en nu het kind
Alle tijd wordt nu een andere
Voor je echt gaat nog die handdruk
Die blik in onze ogen de veeg over een wang
Het grote afdalen is nu begonnen
©Ron van Es
Het voelen van het hart die pompende materie, pulserende kamers, stromen van bloed en leven, het jagen van het hart. De pijnscheuten van het hart, die heilloze tocht, klagende galm voetstappen in een uitgestorven straat, de eenzaamheid van het hart. De waanzin van het hart, die zanderige verstuiving, een blazende trompet klinkt als wanhopig in het rond, de gekte van het hart. Het einde van het hart, die fladderende nacht, bewogen ochtend, waar contouren in de steigers staan, het begin van het hart. De liefde van het hart, die haar zo beminnen laat, loslopend wild en nieuwe jachtterreinen doet opengaan, de liefde van het hart. ©Ron van Es
